Bier beter dan energiedrank

Artikel geschreven voor Nederlands tijdschrift Vork Prikken in de voedselketen nummer 2 2015, verschijningsdatum juli

Ay Lin Kho energiedrank 2Jongeren onder 18 jaar mogen geen bier of andere alcoholhoudende dranken meer kopen, maar mogen wel ongelimiteerd blikjes energiedrank inslaan en opdrinken. De combinatie van hoge concentraties suiker, cafeïne en andere, meer exotische pepmiddelen is niet bijster gezond voor lichaam en geest. Als de verkoop van bier is verboden, moeten we dan de verkoop van energiedrankjes aan jongeren niet ook aan banden leggen, vraagt Ay Lin Kho zich af.

Onlangs kwam ik bij de bakker een man tegen die vertelde dat hij pas bij de dokter was geweest vanwege hartritmestoornissen en daar te horen had gekregen dat hij moest stoppen met energiedrankjes. Die zouden hem wel eens fataal kunnen worden. Van de 12-jarige zoon van een vriendin hoorde ik dat stoere jongens op school vaak energiedrankjes drinken, liefst meer dan één blikje achter elkaar. Een psychiater vertelde me over negatieve gedragsproblemen bij mensen die energiedranken drinken. Verhalen die zich moeilijk met elkaar laten rijmen. Volgens de fabrikanten verbeteren energiedrankjes de concentratie en leiden ze tot betere prestaties. Positief dus. Maar als diezelfde drankjes een man van middelbare leeftijd fataal kunnen worden, dan zijn ze blijkbaar toch niet zo onschuldig. Reden om op onderzoek uit te gaan.

Stimulerende stoffen

Anders dan sportdranken bevatten energiedranken stimulerende stoffen met als hoofdingrediënt cafeïne. Daarnaast kunnen ze taurine bevatten, een lichaamseigen stof, vitamines en een scala aan exotische ingrediënten, zoals de zaden van de guaranaplant, die hoge concentraties cafeïne bevatten, ginsenosides en gintonine uit de ginsengwortel en D-glucurono-y-lacton, een lichaamseigen stof die vrijkomt bij het afbreken van suiker in je lever.

Het gehalte aan cafeïne is ongeveer 80 milligram per liter, veel meer dan bijvoorbeeld cola (15 milligram per liter). De hoeveelheid is vergelijkbaar met die van koffie, maar de manier en de snelheid van consumeren van koude energiedrank is anders dan die van hete koffie of thee. Dat zou het stimulerend effect ervan kunnen verhogen. Bovendien bevatten energiedranken, naast andere pepmiddelen ook veel meer suiker dan gemiddeld in de koffie gaat.

De eerste energiedrank dateert uit 1960 en is gemaakt in Japan. Europa volgde in 1987 en vreemd genoeg was Amerika er laat bij, pas in 1997 werden ze daar geïntroduceerd. De populariteit van de drankjes is groot en groeiend bij zowel gebruiker als fabrikant. Zo zijn er in 2006 wereldwijd bijna vijfhonderd nieuwe energiedrankjes op de markt gebracht. De marketing focust op stimulerende effecten en voordelen als verhoogde prestaties en aandacht, uithoudingsvermogen en gewichtsverlies, maar die zijn niet altijd aangetoond. Integendeel zelfs.

Negatieve effecten

In 2012 heeft de European Food Safety Authority (EFSA) gegevens verzameld over het gebruik van energiedranken in zestien Europese landen (zie kader). Het onderzoek laat zien dat dat behoorlijk groot is, zeker in de leeftijdscategorie van jongeren en jongvolwassenen. Terwijl dit juist een risiogroep is. Bij jonge kinderen is het gebruik weliswaar minder, maar door hun gemiddeld lagere gewicht krijgen ze toch relatief hoge concentraties cafeïne en andere pepmiddelen binnen. Drie tot vijf kopjes koffie per dag heeft geen negatieve gevolgen, ten minste als je niet gevoelig voor cafeïne bent. Maar een grotere dosis cafeïne (meer dan vijf kopjes koffie) kan wel schadelijke gevolgen hebben, waaronder hartkloppingen, hoge bloeddruk, misselijkheid, braken en stuiptrekkingen.

Een ander effect van cafeïne is dat het lichamelijke afhankelijkheid veroorzaakt en verslaving in de hand kan werken. Het gevaar wordt groter als energiedranken worden gemixt met alcohol, iets dat 71% van de jongvolwassenen wel eens of regelmatig doet. Uit onderzoek onder Amerikaanse studenten blijkt dat mixen meer nadelige effecten veroorzaakt dan alcohol alleen. Het zou de  slaperigheid als gevolg van alcohol verlagen, waardoor je langer wakker blijft en meer kunt drinken. Een ander klein onderzoek laat zien dat studenten die energiedrankjes mixen met alcohol meer zin hadden om meer alcohol te drinken dan de groep die alleen alcohol dronk.

Een Amerikaans onderzoek laat ook zien dat militairen die energiedranken drinken een grotere kans hadden om zelfmoord te plegen. Die kans werd nog groter na het mixen van energiedrank met alcohol.4 Deelnemers konden aangeven of ze meer dan drie energiedranken per dag dronken, tussen een en twee per dag, een tot twee of drie tot vier per week, twee tot drie in de maand of helemaal niks.

Gebruik van energiedranken kan zelfs zonder mixen met alcohol een risicofactor zijn voor verslaving. Onderzoekers denken dat dit komt doordat een grote dosis cafeïne de verslavingsgevoeligheid in zijn algemeenheid verhoogt. Toevoegen van cafeïne aan suikerhoudende frisdranken verhoogt de consumptie van die dranken en daarmee dus de consumptie van suiker, zo blijkt uit recent onderzoek.5 De auteurs van de studie concluderen dan ook dat cafeïne uit dit soort producten geweerd zou moeten worden.

???????????????????????????????In opdracht van de EFSA heeft het Nomisma-Arete Consortium in 2012 een onderzoek1 gedaan naar het gebruik van energiedrankjes onder 52.000 mensen uit 16 verschillende EU-lidstaten. Daaruit uit bleek dat bijna 70 procent van de jongeren (10 – 18 jaar), energiedrank gebruikte, variërend van 48 procent in Griekenland tot 82 procent in Tsjechie. Gemiddeld gebruikten ze 2,1 liter per maand. Ongeveer 12 procent werd geclassificeerd chronisch veelgebruiker met een gemiddelde van 4 – 5 keer per week en een hoeveelheid van 7 liter per maand. Acute veelgebruikers, ook 12 procent dronken ruim 1 liter per keer.

Van de volwassenen verklaarde 30 procent de voorbije maand energiedrank te hebben gebruikt met een uitschieter onder de 18 – 29 jarigen, waarvan meer dan de helft (53 procent) energiedrank nuttigde. Het gemiddeld volume was 2 liter per maand, maar onder de 12 procent  chronische veelgebruikers was dat 4,5 liter per maand, terwijl de 11 procent acute veelgebruikers minimaal een liter per keer wegdronken. Meer dan de helft van de volwassenen combineerde energiedrank met alcohol; onder de jongvolwassenen was dat zelfs meer dan 70 procent. Ruim de helft gebruikte energiedrank in combinatie met fysieke inspanning – als sportdrank dus.

Van de ondervraagde kinderen in de leeftijd van 6 tot 10 jaar gebruikte een kleine 20 procent energiedrank, gemiddeld zo’n halve liter per week. Ongeveer 16 procent werd geïdentificeerd als chronisch veelgebruiker, dat wil zeggen vier tot vijf keer per week of meer met een gemiddelde inname van bijna een liter per week.

Bestaande regelgeving

In 2006 heeft het Panel on Dietetic Products, Nutrition and Allergies (NDA) van de EFSA, de Europese waakhond voor voedselveiligheid, drie claims van fabrikanten over energiedrankjes onderzocht. De eerste betrof een verlaging in waargenomen inspanning tijdens sport zoals het later optreden van vermoeidheid en betere uithoudingsvermogen. Deze is niet goedgekeurd. De tweede en derde claim werden wel goedgekeurd. Dat betrof respectievelijk een verhoging van waterabsorptie tijdens sport zoals betere vochtherstel, hydratatie en elektrolytenbalans, en een verlenging of in ieder geval handhaving van het uithoudingsvermogen.4 De beoordeling van de claims gebeurde op basis van studies bij jonge mannelijke, atleten. Onbekend is dus of  voor vrouwen, kinderen en ouderen hetzelfde geldt. Mede daarom is het oordeel van de EFSA indertijd niet overal even positief ontvangen.3

Inmiddels moet er vanaf  december 2014 op frisdrank met meer dan 150 milligram per liter toegevoegde cafeïne staan dat het drankje een hoog cafeïnegehalte bevat. Hierbij moet het feitelijke gehalte worden aangegeven plus een vermelding dat het drankje niet geschikt is voor kinderen en zwangere vrouwen. In Nederland geeft het ‘Warenwetbesluit bereiding en behandeling levensmiddelen’ aan dat frisdrank niet dan 350 mg/l cafeïne mag bevatten.

Aan banden leggen?

De vraag is of dat voldoende is. Sommige landen hebben regels die zowel de vrije etikettering als de distributie en verkoop van energiedrankjes met een hoog cafeïnegehalte beperken. In Zweden bijvoorbeeld mogen bepaalde drankjes alleen in apotheken worden verkocht aan mensen boven de vijftien jaar. Hongarije heft gezondheidsbelasting op energiedrankjes.4 Canada heeft waarschuwingslabels die de maximale dagelijkse consumptie aangeven naast het melden van gevaar bij het mixen van energiedranken met alcohol. In Australië en Nieuw Zeeland hebben drankproducenten de maximum cafeïnegehalte weten te  omzeilen door hun energiedranken dieetsupplement te noemen. Het besef groeit dat de risico’s van – overmatige – consumptie van energiedrankjes in combinatie met reclame gericht op jonge, onervaren mensen een probleem vormt. Een mogelijke maatregel is het invoeren van een Europese limietwaarde, zodat drankjes met een extreem hoog gehalte aan cafeïne van de markt gehaald kunnen worden.

Stoer

De meneer bij de bakker, die geen energiedranken meer drinkt omdat zijn hart dan op hol slaat voelt zich nu rustig. Hij is blij dat hij nu weet waar zijn hartproblemen vandaan kwamen en zal nooit meer een energiedrank kopen. De psychiater heeft zijn verontrustende ervaringen gedeeld in een artikel met de hoop dat voedingsprofessionals dit uit kunnen dragen naar hun klanten en patiënten. En de stoere onwetende jongeren en scholieren die zakgeld meekrijgen om zich de dag te vermaken? Die drinken waarschijnlijk nog steeds een paar blikjes achter elkaar na schooltijd, want een verbod zal er voorlopig niet komen.

 
Gezond en blij zonder diëten – boek voedingsdeskundige Ay Lin Kho

Literatuur
1 Zucconi S, Volpato C, Adinolfi F, Gandini E, Gentile E, Loi A, et al. Gathering consumption Data on specific consumer groups of energy drinks. Parma: Supporting publications (2013).
2 Heneghan C, Perera R, Nunan D, Mahtani K, Gill P Forty years of sports performance research and little insight gained. BMJ2012;345:e479
3 Thompson M, Heneghan C, Cohen D. How valid is the European Food Safety Authority’s assessment of sports drinks? BMJ2012;345:e4753
4 Breda JJ, Whiting SH, Encarnação R, Norberg S, Jones R, Reinap M, Jewell J. Energy drink consumption in Europe: a review of the risks, adverse health effects, and policy options to respond. Front Pub Health 2014;2:134:1-5
5 Keast RS, Swinburn BA, Sayompark D, Whitelock S, Riddell LJ. Caffeine increases sugar-sweetened beverage consumption in a free-living population: a randomised controlled trial. Br J Nutr. 2015 Jan 8:1-6.